Hoewel we vandaag regelmatig de valleien opzoeken, om er van de natuur en rust te genieten - al wandelend of per fiets - weten we er, denk ik, weinig over. Toegegeven, het is ook niet altijd duidelijk waar de vallei begint of hoe rivier en vallei op elkaar inspelen. Welke natuurlijke mechanismen schuilen daarachter, die dan ook mede verklaren waarom een vallei breed dan wel smal is, vaak of net minder vaak overstroomt, enzovoort?
En dan hebben we het nog maar over de natuurlijke factoren gehad, minstens even interessant voor mij (als historica) is wanneer de mens mee in het spel komt. Want die heeft de vallei heel geleidelijk naar zijn/ haar hand gezet, haast letterlijk vormgegeven, gewoon door er te leven en te werken: we zijn al vroeg aan landbouw gaan doen - zo’n 7000 jaar geleden doken de eerste boeren op in de Getevallei (er zijn bijvoorbeeld sporen ontdekt in de vallei van de Kleine Gete in Wange). We hebben rivieren rechtgetrokken, het water vervuild (ons niet altijd bewust van de ecologische gevolgen), huizen gebouwd en ga zo maar voort.
Misschien zijn we teveel afgeleid door wat of wie we op ons pad tegenkomen, om vragen te stellen bij het landschap waarin of de bodem waarop we lopen. Laat staan de rivier waarlangs we slenteren.
Als we aan het ontstaan van onze valleien denken, dan begint dat verhaal miljoenen jaren geleden, lang voor er hier mensen rondliepen. Je kan je niet voorstellen hoe de Getevallei er in die tijd uitzag (zo’n 12 000 jaar geleden, nog voor de laatste ijstijd). Of beter gezegd: nog niet. Want eenmaal de expo er staat, kan iedereen zelf op ontdekking komen!
Speuren naar oude valleiverhalen is ook gewoon leuk en veelzijdig. Of je nu in het archief zit (hangend over oude documenten die je probeert te ontcijferen), op terrein (tijdens een boorcampagne) of in gesprek met een oude valleibewoner. Alles begint met nieuwsgierigheid, of dat is althans bij mij zo.
Ook boeiend is dat, hoewel onze valleien er altijd al waren, ze toch voortdurend in verandering zijn. Dat is eigen aan een landschap (en zeker als er water doorstroomt). Niet iedere verandering is zichtbaar in een mensenleven. Daarom is het net zo belangrijk om de vorming van de valleilandschappen in perspectief te plaatsen en over een veel langere termijn te bestuderen. We gaan terug tot in de prehistorie.
Werken aan de vallei van morgen en ze klimaat robuust maken, kan beter met kennis van het valleiverleden. Wat was er vroeger en hoe zijn we dan op dit punt beland – dat is een vraag die ik mezelf graag stel.
Het project “Valleien vertellen” toont in woord en beeld hoe onze valleilandschappen zijn ontstaan en veranderd, maar daarbij stel je ook vast dat onze kijk op vallei- en waterbeheer erg gewijzigd is.
Met dit project willen we mensen informeren of beter nog, enthousiasmeren over het ontstaan en de evolutie van de valleilandschappen van de Gete, de Demer en de Dijle. Er gebeurde al heel veel wetenschappelijk basisonderzoek naar verschillende aspecten van de valleigeschiedenis. Maar dat zit zowat gevangen binnen de muren van de universiteit. Wat we doen met “Valleien vertellen” is al het relevante materiaal bij elkaar brengen, om het dan vervolgens op een bevattelijke manier naar buiten te dragen. We doen het in de eerste plaats voor de mensen (met vallei- en streekbewoner als voornaamste doelpubliek), maar ook met hen. We gaan in dialoog, of liever in gesprek over ...
Door verhalen te delen, bijvoorbeeld via onze website (valleienvertellen.be) of via een podcast aflevering, komen er ook weer nieuwe bovendrijven. En, ook niet onbelangrijk: kennis uit het verleden wordt op deze manier duurzaam bewaard, op het Centrum voor Agrarische Geschiedenis, voor volgende generaties.